Inspiratiebron

Schrijver en Nobelprijswinaar J.M. Coetzee (1940) als inspiratiebron.
Marianne Thieme (1972) beweerde, dat Partij voor de Dieren niet zou bestaan als Coetzee’s Dierenleven nooit verschenen was. Anna Enquist (1945) bedankte Coetzee voor het op gang brengen van het denken over de mate waarin een schrijver gelegitimeerd is over ongeacht welk onderwerp te schrijven. Dit als gevolg van Elizabeth Costello en Als een vrouw ouder wordt.  Indrukwekkende bijdrage ook van cultuurhistoricus/archeoloog David van Reybrouck (Brugge, 1971),  van hem verscheen recentelijk Congo, een geschiedenis, hij maakte een muzikale vergelijking. In een van Coetzee’s romans, Wat is een klassieke roman?,  verhaalt hij over zichzelf op een vervelende zondagmiddag in 1955 als hij vanuit zijn achtertuin te Kaapstad plotseling hem onbekend pianospel hoort waarvan hij per se de herkomst wil achterhalen. Het blijkt Bach te zijn, ik geloof Das Wohltemperierte Klavier. Van Reybrouck zelf raakte op vergelijkbare wijze ooit aangeraakt door The Köln Concert van Keith Jarrett. Zoals men geinspireerd kan worden door muziek, kan men dat ook door een schrijver als Coetzee, toonde de West-Vlaming haast wetenschappelijk aan.
Kijk, dat vind ik nou prachtig: mensen die naast hun dagelijkse taken weleens wat lezen of beluisteren dan wel het een en ander aanpakken waarover ze veel weten en/of waarover ze lyrisch kunnen doen. Inspirerend.