Majesteitelijk

Filip De Roeck, hoofdinspecteur van politie in Antwerpen, voelt zich een beetje Beatrix. Evenals onze koningin bedient hij zich in brieven van het majesteitelijk meervoud. Hij schrijft dus niet: “Beste Lantvanbelogte, hoe is het met je, met mij gaat het goed” maar “Beste Lantvanbelogte, hoe is het met je, met ons gaat het goed”. En die “ons” is dan alleen hijzelf, want de hoofdinspecteur schrijft niet over zijn vrouw en kinderen. Ik weet niet eens of hij die heeft. En trouwens: hij schrijft ook niet mij een brief, maar wel mijn broer.

De brief was gedateerd 5 april 2011 en arriveerde voor Pasen veilig in Vlissingen. Bovenaan stond “Aanvankelijk Proces Verbaal”, want wat wil het geval? Een op naam van mijn broer staand motorvoertuig, merk Toyota, heeft zich op 15 januari 2011 kennelijk bij de Noorderlaansbrug aan de Noorderlaan richting Ekeren bevonden. Een onbemand automatisch werkend toestel heeft zulks geregistreerd en dat niet alleen. Bij de Noorderlaanbrug is de maximaal toegelaten snelheid 70 km/u, terwijl het onbemand automatisch werkend toestel te 17.27 uur op die 15de januari 2011 82 k/u heeft gemeten, die Filip De Roeck ambtshalve corrigeert naar 76 km/u, waarna een vermoedelijke snelheidsovertreding resteert van 6 km/u.  Bij de brief zit een uitvoerige vragenlijst, die binnen een maand geheel ingevuld geretourneerd moet worden. Mijn broer moet onder meer getuigen of genoemde Toyota zijn eigendom is en wie het voertuig ten tijde van het denkelijke misdrijf bestuurlijk in zijn of haar macht had. Is dat formulier niet op tijd binnen, dan beschouwt Filip De Roeck het dossier als volledig en draagt hij het over aan de Procureur des Konings bij de politierechtbank. 

Mijn broer en zijn gezin worden gevuld met warme gevoelens als zij lezen over Zeeuwse bestuurders, die in Vlaanderen vergaderen over grensoverschrijdende politiesamenwerking.