Zeeuwse Boekenprijs 2017

MIDDELBURG – Direct na zijn benoeming tot Officier in de Orde van Oranje Nassau, eind vorig jaar, is de hoofdredacteur van het Zeeuws Tijdschrift met staart tussen benen en achterlating van uit kast rollende lijken à duizenden euro’s van het toneel verdwenen. Zijn geesteskind echter, De Zeeuwse Boekenprijs, doet het nog. Of het Zeeuws Tijdschrift nog zal verschijnen is kwestieus, waarom zou het eigenlijk ook, maar de jury staat klaar om de nieuwe oogst aan appels en peren te vergelijken. Commissaris des Konings Han Polman en PZC-recensent Jan van Damme zijn daarin vaste waarden. Verder mocht blijven: de Vlaardingse hard-rockliefhebber Perry Moree, directeur Zeeuws Planbureau. Voorts verwelkomen we Kathrin Ginsberg, Middelburgse (binnenkort wellicht ook Veerse) kunstpausin, tevens oud-uitgever van de Slibreeks alsmede NRC-tv-criticus Arjen Fortuin, een van de winnaars van vorig jaar, met zijn biografie van G.A. van Oorschot. Waarom de andere winnaar, Chris de Stoop, de vakjury niet heeft gehaald is onbekend.

Wel moet het reglement misschien worden aangepast, want dat schrijft onder meer “een jaarlijks wisselende journalist” voor. We kunnen van drs Van Damme veel zeggen, maar niet, dat hij jaarlijks wisselt. Hij is waarschijnlijk de enige en laatste journalist in de provincie met tijd om van papier te lezen. Hij ontving nota bene in 2014 reeds de Prijs van de Zeeuwse Boekhandel voor “Zeeland Geboekt”, de nog altijd niet wegbezuinigde rubriek over Zeeuwse boeken, op internet.

We gaan de rituele dansen en de verrichtingen van de jury zo goed mogelijk volgen, want eigenlijk is een aantal jaren geleden al aan het licht getreden dat de oogst aan “Zeeuwse” boeken weliswaar omvangrijk is, maar dat het geen sinecure is het kaf van het koren te scheiden en niet zozeer het kaf, maar wel enig koren over te houden. Vorig jaar waren er dus zelfs twee prijswinnaars, maar dat stond naar buiten toe tamelijk clumsy en kan Bruin niet blijven trekken. Gelukkig werden de feestelijkheden een beetje overschaduwd door de koninklijke onderscheiding van de geleerde verzinner van de letterkundige extravaganza.

Overigens is de Boekenprijsdans (1000 euro’s en een tegeltje) bijna een spelletje zonder nieten. Er is ook nog de Prijs van de Zeeuwse Boekhandel, de PZC Publieksprijs (modern, want nepnieuws: stemmen via internet) en verder nog de zogenaamde Accolades. Die zijn voor de makers van mooie of goede boeken die aanmoediging verdienen of met wie de jury geen ruzie wil krijgen. Vorig jaar gingen die naar Beste Debuut, Beste Jeugdboek, Best Vormgegeven, Beste Grensoverschrijdende (!) Boek, Beste Onderzoeksjournalistieke Boek en Origineelste Boek. Men moet het dus nogal bont gemaakt hebben wil men buiten de prijzen vallen.

Eeuwige roem en enorme verkoopcijfers zitten er sowieso in!

Foto: Eén van de ingezonden boeken: “Alle gedichten van Hans Verhagen”, (Vlissingen, 1939) samengesteld door de Vlissinger Joep Bremmers. Verhagen sleepte reeds de P.C. Hooft-prijs 2009 voor poëzie in de wacht “vanwege zijn humor, zijn engagement, zijn poëtische durf en eigenzinnigheid”. Benieuwd hoe hij het ervan afbrengt in de strijd tegen “Zeeuws Bloed, De Nollebosmoorden” van debutant Peter de Boevere of het bevindelijke “Een lamp voor mijn voet” van de onvolprezen Liesbeth Labeur.